Augustus

Wespen zijn nuttige dieren maar kunnen voor mensen met een allergie gevaarlijk zijn. Een wespenvanger in de buurt van uw terras helpt om de wesp te vangen.

Algemeen

  • Wespenvangers plaatsen. In augustus kunnen er veel wespen zijn. Er zijn diverse modellen wespenvangers verkrijgbaar. Wierook met kruidnagel geur helpt om de wesp op afstand te houden. Laat vuilnis niet te lang staan en laat geen zoete producten of restanten vlees staan.
  • Oppas regelen tijdens vakantieperiode. Als u in een van de zomermaanden op vakantie bent is het verstandig om een oppas te zoeken voor uw tuin. Water geven, grasmaaien en de vijver verzorgen zijn taken die de oppas op zich kan nemen tijdens uw afwezigheid. Zet de potten bij elkaar op een plek waar hooguit de zon in de ochtend of avond komt, zodat de planten minder snel uitdrogen.
  • Haal giftige vruchten weg. Als er regelmatig kinderen in de tuin zijn kunt u beter de giftige vruchten zoals peulen van de gouden regen, bessen en zaden van het peperboompje, lelietjes-van-dalen en taxus verwijderen.

Oogsten

  • Droog- en strobloemen plukken. Als de bloemen rijp zijn en ze geen achteruitgang vertonen kunt u de bloemen plukken en in een bosje ophangen op een droge plek. De bloemen moeten aan de lucht drogen. In een laagje waspoeder kunt u de bloemen ook drogen of in de magnetron maar dan luistert de droogtijd heel nauw. Zowel in de waspoeder als in de magnetron blijven de kleuren vaak erg mooi.
  • Aardappels rooien. Het loof van de planten direct afvoeren in GFT bak.
  • Vruchten van Oost-Indische kers plukken. De vruchten kunt u plukken als ze nog groen en onrijp zijn en als kappertjes eten.
  • Diverse groenten oogsten. Bonen, tomaten, aubergine, maïs, radijs zijn geschikt om te oogsten.
  • Diverse kruiden oogsten. Pluk bij blijvende, polvormende kruiden altijd de buitenste bladeren. De nieuwe groei komt vanuit het hart. Gooi aangetaste bladeren weg.
  • Fruit oogsten. Diverse fruitsoorten kunt u oogsten let bij klein fruit er wel op dat de vruchten niet worden geplet.

Snoeien

  • Lavendel terugsnoeien. De planten kunnen ongeveer tot de helft worden terug gesnoeid.
  • Riddersporen en leeuwenbekjes afsnijden. Wanneer u de planten terugsnijdt zullen ze nog eens gaan bloeien. Geef de plant wat extra voeding.
  • Coniferenhagen snoeien. Snoei de planten een beetje conisch, van onder iets breder dan van boven en niet achter het groen snoeien. Behalve bij de Taxus dan kunt u tot het kale hout snoeien.
  • Bladverliezende hagen snoeien. Voor de laatste keer kunt u de hagen snoeien.
  • Frambozen snoeien. Afgedragen stengels kort boven de grond snoeien en takken in de GFT bak afvoeren. De stengel van de framboos is gevoelig voor aantasting en bevatten vaak ziekteverwekkers.

Verzorging

  • Water geven. Blijf regelmatig water geven bij alle zaaisels en alle planten die u nieuw heeft geplant. Planten die al langer staan, hoeft u alleen tijdens langere droogteperioden water te geven. Geef planten in potten en bakken regelmatig water. Overdag verdampt water snel en kunnen planten beschadigd raken door inbrandende waterdruppels. Geef daarom bij voorkeur ’s avonds water. Om de dag een keer heel veel water geven is beter dan elke dag een klein beetje.
  • Okselknoppen bij dahlia’s wegnemen. Hierdoor zullen de andere bloemen groter worden. Uitgebloeide bloemen weghalen zorgt ervoor dat de plant beter kan doorbloeien.
  • Het gras regelmatig maaien. Voor siergazon de hoogte afstellen op 2 cm en voor speelgazon 3cm. Wissel de maairichting steeds af. Door erg kort maaien wordt het gazon verzwakt. Het maaisel kan op de composthoop.
  • Kale plekken in het gazon inzaaien of bezoden. Slechte plekken in het gras kunnen worden hersteld door bij te zaaien of nieuwe zoden aan te brengen. Leg de zoden over het slechte stuk, steek deze af tot in de slechte grasmat. Haal de oude zodenlaag weg en breng de nieuwe zoden aan. Aandrukken en de randen afstrooien met compost.
  • Gazon bemesten. Wanneer u  het gazon altijd met organische mest bemest is dat deze maand de laatste keer. 
  • Onkruid wieden. Voor delen van de tuin waarveel planten staan kan het best met de hand worden gewied en op meer open stukken met een wieder. Daarna de grond weer met de hand of hark los maken en egaliseren.
  • Rozen op aantasting controleren. Rozen kunnen in deze maand veel last krijgen van schimmels. Bestrijd deze aantasting met een geschikt middel.
  • Controleer kool op knolvoet. Vreemde verdikkingen aan de wortels van de planten duiden op knolvoet. Haal de aangetaste planten met veel grond weg en plaats er voorlopig geen kool meer op die plek.
  • Controleer bonen, komkommer en augurken op spintmijt. Verwijder de kleine diertjes aan de onderkant van de bladeren met een geschikt middel.
  • Bemesten van groenten. Veldsla, spinazie, winterrammenas rode bieten en bladgroenten die nu nog groeien kunnen bemest worden met stikstofrijke mest.
  • Tomaten toppen. De hoofdscheuten kunnen worden getopt en aangetaste bladeren kunt u ook verwijderen.

Vijver

  • Controleer de waterwaarde en stuur bij. Het water kan erg warm worden. Zorg voor voldoende zuurstof. Een beluchtingspompje is de beste keuze om te voorzien van zuurstof.
  • Algen en kroos verwijderen. Verwijder draadalgen en eventueel kroos.
  • Zwerfvuil verwijderen. Zwerfvuil zoals plastic, papier en bladeren die in de vijver terecht zijn gekomen kunt u eruit scheppen.

Zaaien, stekken en planten

  • Vroegbloeiende vaste planten scheuren/delen. Eind augustus kunt u de planten delen en planten.
  • Cyclamen planten. De knollen van de winterharde cyclaamsoorten kunnen het beste in augustus worden geplant. Op schaduwrijke plek in humusrijke grond. Plant ze ongeveer 4 cm diep.
  • Vroegbloeiende voorjaarsbollen planten. De vroegste soorten (sneeuwklokje, sterhyacint, sommige dwergnarcissen) kunnen de grond in.
  • Clematis planten. De vaak gevoelige planten hebben nog de tijd om een goed wortelstelsel te vormen voor de winter begint. Plant diep en schijn naar de klimsteun. Zorg dat het onderste deel van de ranken onder de grond komt. Wanneer de plant ziek wordt en alles boven de grond is aangetast kunnen er nieuwe scheuten groeien vanuit de het gedeelte onder grond.
  • Hagen planten. Graaf een geul waar de haag moet komen en maak hem iets dieper. Vul de bodem met compost of potgrond. Zet de planten erin op juiste afstand en vul aan met grond en trap het vast. Goed water geven en liguster en buxus wat terug snoeien.
  • Geranium stekken. De plant kunt u stekken door een stukje zijstengel met een paar blaadjes af te snijden. Laat deze een dagje drogen en zet de stek daarna in een pot met zandige compost in het licht. Druk de grond aan en geef de stek flink water.
  • Diverse groenten zaaien. Radijs, winterrammenas, spinazie, veldsla en raapstelen kunt u nog prima zaaien.
  • Diverse groenten uitplanten. Chinese kool kropsla, bloemkool, koolrabi en andijvie kunnen worden uitgeplant.
  • Worteltjes uitdunnen. U kunt de worteltjes uitdunnen door de plantjes die te dicht op elkaar staan weg te halen.
  • Aardbeibedden maken. Nieuwe aardbeibedden inplanten. Dan zijn de planten voor de winter ontwikkeld en kunt u ze volgend jaar al oogsten.